Camerabuis


Blooming - Halo
1BGM: Videotechnieken / 2005_2006 / Laatste aanpassing op 2006-06-25.
De eerste keer bij beeldsensoren heb je het over "blooming".
(p206 in LB V2.5) "Het grootste probleem bij stilstaande beelden is dat het probleem steeds groter wordt indien er niet voldoende elektromenen worden toegevoegd om de capaciteit volledig op te laden. Dit kan zo ver gaan dat zelfs elektornen uit de buurt van de bewuste pixel er naar toe gezogen worden. De overbelichting breidt zich uit."
Wil dit zeggen dat we een helder punt krijgen met meer donkere punten errond? Met donker bedoel ik, omdat er elektronen zijn weggezogen. Klopt?

Klopt, maar het is beter over 'zones' te spreken dan over 'punten'. De halo heb ik aangegeven in het detail.

detail:



Elektrostatische focussering
1BGM: Videotechnieken / 2004_2005 / Laatste aanpassing op 2006-06-25.
Bij elektronenbuizen staat er op p154 een figuur van elektrostatische focussering met buiselektroden.
Is op die tekening V1 dan een buis en V2 een andere buis. Of is het V1 en V2 één buis, en die lijnen daaronder de andere buis ?
Of zijn het gewoon 2 keer 2 buiselektroden ?
V1 en V2 slaan op de spanningen die op de elektrodes staan.
De figuur in attach is misschien duidelijker.  Het zijn inderdaad 2 elektrodes.  Het is onmogelijk om met 1 elektrode elektrostatische velden op te wekken, omdat je daarvoor spanningsverschillen nodig hebt.



Trefplaat
1BGM: Videotechnieken / 2006_2007 / Laatste aanpassing op 2007-05-20.

Goede morgen/middag/avond,

Ik snap niet meteen waarom men bij beeldsenoren (vidicon en plumbicon) de trefplaat naast met fotonen nog eens van de andere zijde met elektronen wordt beschoten.
Ook vraag ik mij af of de intensiteit waarmee de elektronen afgeschoten worden constant is en of deze systemen nog steeds worden toegepast want ze lijken nogal veel ruimte in te nemen in vergelijking met CMOS en CCD.

Mvg

Een plumbicon/vididcom heeft een trefplaat die bestaat uit een egaal aangebracht materiaal.
Hierdoor zijn er geen apparte pixels, en kunnen deze ook niet eenvoudig individueel worden uitgelezen.
Om dat te doen, zal men met een elektronenstraal de trefplaat aftasten. Men gaat dan de spanning/lading meten op de plaats van die straal.

Voor de eenvoud ging ik er in de cursus van uit dat de elektronenstraal als een gewone geleider kan beschouwd worden. De intensiteit van de straal wordt dan bepaald door de spanning en de weerstand met de wet van Ohm.
In werkelijkheid is de intensiteit constant en groter dan wat men nodig heeft. Het teveel aan elektronen wordt opgenomen door g4.
Hieronder staan 2 screenshots uit de cursus:





Deze systemen worden inderdaad niet meer gebruikt omdat de CCD's en de CMOS een betere beeldkwaliteit geven, compacter zijn, minder verbruiken en steviger zijn.